Vraag en antwoord

 

Wat is spirometrie?

Spirometrie is een eenvoudige, pijnloze en zeer betrouwbare techniek om de longfunctie of longcapaciteit te meten en vervolgens grafisch uit te beelden. Via deze test kan een arts met zekerheid stellen of iemand aan een obstructieve longaandoening lijdt, en kan men ook de evolutie van de ziekte volgen.

 

Een spirometrie gebeurt met een spirometer. Dit is een apparaat verbonden met een slangetje waarin de patiënt moet blazen. Hiermee wordt de longfunctie direct gemeten. De resultaten worden grafisch weergegeven op een computer middels een zogenaamd spirogram en kunnen automatisch vergeleken worden met referentiewaarden. 

 

Spirometrie maakt het immers mogelijk om:

  • longaandoeningen in een vroeg stadium op te sporen.

  • een correcte diagnose te stellen.

  • de patiënt goed op te volgen.

 
 
Wat is een enkel-arm-index?

De enkel-arm-index is een maat om te bepalen of iemand vernauwingen heeft in de slagaders van de benen. Voor het bepalen van de enkel-arm-index (EAI) wordt de bloeddruk van de enkels en de bovenarmen gemeten. De verhouding tussen de bovendruk in de onderbenen en de armen is de enkel-arm-index. Normaal is de bloeddruk in de slagader in de enkel vrijwel gelijk aan die in de arm. Bij een vernauwing in het been is de bloeddruk in de enkel lager dan die in de arm.

 

De enkel-arm-index wordt gemeten in rust. Daarom is het belangrijk om 10 minuten voor het onderzoek aanwezig te zijn. Bij de start van het onderzoek vraagt de arts de patiënt 5 minuten plat te liggen.

 

De patiënt krijgt de manchetten van de bloeddrukmeter om de enkels en de armen. De arts brengt gel aan voor het contact met de transducer van een Doppler-apparaat. Een Doppler-apparaat gebruikt ultrageluidsgolven. Dit geluid kunnen mensen niet horen. Met de transducer zoekt de arts een slagader in de voet. Hij hoort de hartslag via het Doppler-apparaat.

 

De manchet rond de enkels wordt opgepompt, totdat de arts hartslag niet meer hoort. Als de manchet leegloopt, hoort hij de hartslag weer. De bloeddruk van dat moment is de bovendruk. Vervolgens bepaalt de arts de bloeddruk van de bovenarmen. Het onderzoek kan samengaan met een loopbandonderzoek om de enkel-arm-index bij inspanning te meten.

 
Wat is een ECG?

Het hartritme ontstaat door elektrische stroompjes die zich als een golf over het hart bewegen. Deze stroompjes stimuleren de hartspiercellen samen te trekken. Het samentrekken van het hart gebeurt in een goed georganiseerde volgorde: eerst de boezems van het hart, dan de tussenwand en als laatste de hartkamers. Op het hartfilmpje zijn de verschillende fasen van de hartslag te zien.

 

Het maken van een ECG duurt slechts enkele minuten en doet geen pijn. Voor het maken van een ECG worden 10 elektroden op de huid geplakt: 2 op de polsen, 2 op de enkels en 6 op de borst. Voor een eenvoudig ECG zijn de elektroden op de polsen en enkels al voldoende. De elektroden zijn met het ECG-apparaat verbonden en registreren de elektrische stroompjes die de hartspiercellen laten samentrekken.

 

Een ECG is een eerste aanwijzing of er iets aan de hand is met uw hart. Bij een afwijkend ECG is vaak vervolgonderzoek nodig om een definitieve diagnose te krijgen. Sommige hartaandoeningen zoals angina pectoris treden vooral op bij inspanning. In dat geval wordt er een ECG tijdens inspanning gemaakt (inspanningstest). Hartritmestoornissen treden vaak in aanvallen op en zijn daarom niet altijd zichtbaar op een ECG.

 
Wat is een holter onderzoek?

Een holteronderzoek is een registratie van het hartritme door middel van een hartfilmpje (ECG), meestal gedurende 12 tot 24 uur. Een holterregistratie geeft aan hoe het hart zich over een langere periode gedraagt. De meetapparatuur legt de hartslag onafgebroken vast, waarmee onregelmatigheden in het hartritme worden opgespoord. Allerlei ritmestoornissen kunnen op deze manier worden beoordeeld. Daarnaast kan de arts het resultaat van een behandeling beoordelen. Ook worden de perioden zichtbaar gemaakt waarin het hart te weinig zuurstof heeft.

 

De assistente sluit de holter aan. Er worden plakkers op de borst van de patiënt bevestigd die met elektrische draden verbonden zijn met de holter. De holter wordt in een schoudertasje meegedragen of aan de broekriem bevestigd. Tijdens het dragen van de holter, doet de patiënt zo veel mogelijk de normale dagelijkse dingen. Er mag echter niet gedoucht worden. Omdat de arts wil weten wanneer de klachten ontstaan, is het nodig te weten wat men doet op het tijdstip dat men klachten heeft. De patiënt krijgt een dagboek mee waar de eventuele klachten in genoteerd kunnen worden, en de tijdstippen van maaltijden, bepaalde activiteiten en inspanningen zoals fietsen of traplopen en het medicijngebruik.

 
Wat is een 24-uurs bloeddrukmeting?

De bloeddruk schommelt gedurende de dag. De bloeddruk gaat omhoog bij inspanning, sterke emoties of bij verandering van houding. Op het spreekuur bij de arts is de bloeddruk ook vaak hoger dan thuis. Dit komt vaak door de extra spanning rondom het bezoek aan de arts. Dit is normaal en heet ook wel het witte-jas-fenomeen.

 

De 24-uurs bloeddrukmeting krijgt u een band om de arm met een bloeddrukmeter. De meter wordt op de heup met een riem gedragen. Het apparaat meet overdag elke 15 minuten de bloeddruk en 's nachts iedere 30 minuten. Het apparaat meet dan ook de hartslag. Tijdens het meten van de bloeddruk blaast band automatisch op en loopt weer leeg. De bloeddrukmeter slaat alle bloeddrukwaarden automatisch op. Patiënten kunnen de bloeddruk zelf niet zien en dus ook niet beïnvloeden.

 

Een 24-uurs bloeddrukmeting is een veilig onderzoek. Er kunnen tintelingen in de arm optreden tijdens de meting of het opladen van de bloeddrukband. Dit gaat vanzelf weer over. Het geluid van het apparaat kan het (door)slapen soms bemoeilijken.

 
Wat is een CRP test?

CRP staat voor C-reactief proteïne. CRP is een eiwit dat gemaakt wordt in de lever en afgegeven wordt aan de bloedbaan. Na het ontstaan van een ontsteking neemt de hoeveelheid CRP in het bloed binnen 6-8 uur uren flink toe. Daardoor is de bepaling van CRP waardevol bij het vaststellen van ontstekingen. Met een CRP sneltest, ofwel Point of Care Test (POCT), kan uw huisarts tijdens uw bezoek aan de praktijk uit een vingerprik bepalen of de CRP waarde in uw bloed verhoogd is. Bij gezonde mensen zonder ontstekingen is de CRP-waarde in het bloed meestal lager dan 10 mg/l.

 

Waarom doet mijn huisarts een CRP test? Hoestklachten of pijn in de onderbuik kunnen verschillende oorzaken hebben. Een beperkt aantal van deze klachten wordt veroorzaakt door een ontsteking. Veel klachten hebben een andere oorzaak en een CRP sneltest kan helpen om te bepalen of het wel of niet nodig is te behandelen met bijvoorbeeld antibiotica. Doordat uw huisarts onmiddellijk de CRP waarde in uw bloed weet, kan ook meteen de beste behandeling voor uw klachten worden gekozen. Dit betekent voor u, dat u onmiddellijk de uitslag van uw bloedtest heeft en u geen bezoek meer hoeft te brengen aan een bloedafnamelocatie. Bijkomend voordeel is dat hiermee het aantal overbodige antibiotica-voorschriften wordt teruggedrongen, waardoor antibioticumresistentie wordt tegengegaan.

© 2015-2019 Ron Buskens